De Toeslagenaffaire, het volgende bedrijf

Artikel 68 van de Grondwet luidt: “De ministers en de staatssecretarissen geven de kamers elk afzonderlijk en in verenigde vergadering mondeling of schriftelijk de door een of meer leden verlangde inlichtingen waarvan het verstrekken niet in strijd is met het belang van de staat”. In de vergadering van de ministerraad van 15 nov. 2019 is besloten dat niet te doen. Een bewindsman vraagt zich af of dat wel kan, het besluit wordt toch genomen. Er moet antwoord worden gegeven op een motie van de heer Pieter Omtzigt (CDA), met steun van Helma Lodders (VVD) en Renske Leijten (SP) waarin wordt gevraagd welke ambtenaren en politici wisten van het onrechtmatig handelen van de Belastingdienst. Er is een tweede kwestie die speelt. Dat is de vraag of een Kamerlid van een fractie die het regeerakkoord heeft ondertekend het beleid van de regering moet steunen of daarop kritiek mag uitoefenen. In de ministerraad wordt Omtzigt als lastig ervaren en ministers vinden dat volksvertegenwoordigers het kabinetsbeleid moeten steunen. Minister Hoekstra zegt: “We hebben geprobeerd de heer Omtzigt te sensibiliseren, maar dat is niet gelukt.” Sensibiliseren, dat is tot rede brengen.

Uit wat het RTL-nieuws vandaag naar buiten brengt vermeld ik deze twee zaken. Explosief genoeg. Maar het kabinet is al op de toeslagenaffaire gevallen. Het is reeds demissionair. Maar sindsdien is er de kwestie “Positie Omtzigt, functie elders” geweest. Die heeft de geloofwaardigheid van de minister-president ernstig geschaad. Daar komt deze kwestie bovenop. Meerdere keren is in de vergaderingen van de ministerraad over die ‘lastige’ Omtzigt gesproken. De smoes ‘er geen actieve herinnering aan te hebben’ is niet meer te gebruiken. Ernstiger is dat er een besluit van de hele ministerraad ligt om een grondwettelijke taak niet uit te voeren. Dat is de plicht op grond van art. 68 van de Grondwet om aan de Kamers de gevraagde inlichtingen te geven. Willens en wetens is besloten dat niet te doen. Dat kan niet voor kennisgeving worden aangenomen en moet gevolgen hebben voor de positie van betrokkenen.

Het is ook de politieke cultuur die hier in het geding is. De huidige cultuur is niet van vandaag of gisteren. Die is al enkele decennia de heersende cultuur. Kort gezegd houdt die in dat de fracties die het regeerakkoord steunen, in de Kamer de besluiten van ‘hun’ ministers door dik en dun steunen. Kritiek komt van de oppositie, maar doorgaans tevergeefs: de meerderheid beslist. Dat betekent ook dat er voor kritische Kamerleden uit regeringsfracties geen ruimte is. Ze mogen hun kritiek binnenkamers uiten, maar niet in de openbaarheid. Doet iemand dat wel, dan staat hij of zij bij de volgende verkiezingen niet op de kandidatenlijst. Omtzigt is dat al bijna eens overkomen (het partijbestuur durfde het niet aan om hem niet op de lijst te zetten en zette hem op een onverkiesbare plaats) en kwam op eigen kracht terug. Van deze cultuur moet Nederland af. Het is de taak van de ministers om te regeren, het is de taak van de Kamer om beleid goed te keuren en de regering te controleren. Ook Kamerleden van regeringsfracties hebben een controlerende taak. Door in de ministerraad over een lastig Kamerlid te spreken en die te pogen te ‘sensibiliseren’ miskent de regering de taak van de Kamer en handelt ook hier in strijd met de Grondwet.

Er is meer mis. Wat RTL onthult zegt ook veel over de verhoudingen binnen het CDA. Men kan zeggen over Omtzigt wat men wil, men kan hem lastig vinden, ongeschikt voor het partijleiderschap, maar men mag hem niet verwijten dat hij zijn grondwettelijke taak – controleren van de regering – uitoefent. Hoekstra heeft Omtzigt gevraagd zich te matigen in het Toeslagendossier. Inmiddels zijn zij de nummer 1 en de nummer 2 van het CDA. De regering had destijds Omtzigt moeten geven waar hij om gevraagd had. Even uit eigen ervaring. Toen ik inspecteur van rijksfinanciën was vroeg ik altijd om meer informatie betreffende een voorstel. Als een departement moeilijk informatie gaf of met nietszeggende informatie op een half A4-tje kwam, dan beet ik me in het onderwerp vast. Als ik om informatie vroeg en ik kreeg na twee weken een grote stapel stukken, dan geloofde ik het wel, maakte nog een praatje met een betrokken departementsambtenaar en schreef een positief advies. In het geval van Omtzigt is informatie verzwegen. Omtzigt rook dat en vroeg door. Dat siert hem en is hem te prijzen. Lastig? Het hoort bij een democratie. Er zijn landen waar je dat de kop kan kosten. Wat nu weer aan het licht komt maakt de positie van Omtzigt sterker en die van Hoekstra zwakker.

Ook de kabinetsformatie wordt er niet gemakkelijker op. De politieke toekomst van vele ministers wankelt. De noodzaak tot verandering van de politieke cultuur in Nederland wordt alleen maar groter en de geloofwaardigheid van Rutte neemt nog verder af. En wie zegt dat de beerput van de Toeslagenaffaire nu leeg is?

Over Tijme J. Bouwers

Doctoraal economie RU Groningen 1967 Mil. Dienst, 1968-1969, oud res. officier cavalerie Prov. Zuid-Holland, afd. toezicht gemeentefinanciën Min. van Fin. Inspecteur Rijksfinanciën 1972 - 1976 Burgemeester Ferwerderadeel 1976 - 1988 Burgemeester Aalten 1988 -2004 Voorz. Stichting 'Vrienden van de Aaltense Synagoge'
Dit bericht is geplaatst in Actualiteiten, Politiek. Bookmark de permalink.

1 Reactie naar De Toeslagenaffaire, het volgende bedrijf

  1. Jan Schild schreef:

    Beste Tijme,

    Je Signalbericht alarmeerde meen ik kon me niet weerhouden tegen mijn gewoonte (en slaap) in mijn laptop direct te openen. Het onthullende nieuws had ik ook juist op het Journaal vernomen. Dank voor je deskundig (o.a. verwijzing naar de Grondwet) en evenwichtig commentaar. Volledig mee eens. Vooral blij dat je schrijft “De huidige cultuur is niet van vandaag of gisteren. Die is al enkele decennia de heersende cultuur”. Dat spits je toe op het slaafs volgen van de coalitie waardoor de grondwettelijke taak van de volksvertegenwoordigers in het gedrang komt. Dat matigt onze kritiek op personen maar er moet wel wat gebeuren want ik vind dat slaafs volgen ook zeer schadelijk voor de werking van onze democratie. We mogen Omtzigt zeer dankbaar zijn.
    Nogmaals veel dank.
    Jan Schild

Reacties zijn gesloten.